Libellen

Libellen horen bij de beste vliegers ter wereld, Dit komt omdat de vleugels niet aan elkaar vast zitten, zoals bijvoorbeeld bij een vlinder. Libellen kunnen alle vier hun vleugels dus los van elkaar bewegen. Zo kunnen ze in de lucht elke beweging maken die ze maar willen. Als je geluk hebt zie je een libel op een mooie zomerdag jagen. Dit doen ze bij het water, bijvoorbeeld een sloot of een vijver. Om insecten te vangen maken ze de meest snelle bewegingen: het lijken wel acrobaten in de lucht! En dan is een foto maken van zo’n, vaak prachtige libel, erg lastig.

Libellen zijn heel belangrijk in de natuur. Het zijn rovers en eten allerlei kleine insecten. Zo zorgen ze ervoor dat er niet teveel kleine insecten komen. Zelf worden libellen gegeten door allerlei dieren: vogels, vissen, kikkers, salamanders, hagedissen, muizen, wespen, mieren en spinnen.

Libellen en juffers hebben een heel bijzondere manier van voortplanten. Het mannetje heeft aan de punt van zin achterlijf  een soort tangetje waarmee hij het vrouwtje achter haar kop vastgrijpt. Als dat lukt, vliegen de libellen aan elkaar vast verder.  Ze noemen dit “tandem”vliegen. Het duurt een tijdje voordat ze overgaan tot de echte paring.  De paring is heel ingewikkeld. Tijdens de paring buigt het vrouwtje, dat nog steeds door het mannetje wordt vastgehouden, haar achterlijf naar het borststuk van het mannetje. Ze maken dus een soort rondje met z’n tweeën . Dat rondje heet een “paringswiel” De paring duurt soms enkele seconden maar kan ook een uur duren.

Eigenlijk zijn er twee verschillende soorten libellen: de waterjuffers en de echte libellen. Juffers zijn slank en meestal klein. Ze vliegen heel rustig. Het lantaarntje, de azuurwaterjuffer en de vuurjuffer zijn waterjuffers die je bij de vijver ziet.  De echte libellen zijn o.a. heidelibel, oeverlibel,  keizerlibel, paardenbijters, glazenmakers, etc. Deze libellen zijn groter en dikker en je hoort ze vaak zoemen. Er zijn wel 65 soorten verschillende libellen in Nederland. Bron: Vlindernet.nl