Vlinders

Van een eitje naar een rups, van een rups naar een pop en van een pop naar een vlinder. De Vlinder of schubvleugeligen is één van de grootste dierenfamilies ter wereld die bestaat uit meer dan 180.000 beschreven soorten. De meeste soorten leven in tropische of subtropische gebieden. In het Nederlandse register staan van de 18.000 inheemse Nederlandse insectensoorten ruim 2.200 soorten als vlinder geregistreerd.

In de vrije natuur is dit diertje een grote voedselbron voor veel vogels. Daarom hebben vele vlinders aan de buitenkant schutkleuren of juist opvallende vleugeltekeningen om de vijand af te schrikken. Ons schrikken ze er zeker niet mee af en vinden we al die kleuren en tekeningen juist prachtig. Vooral om ze met al die pracht te fotograferen. Een vlinder heeft geen geraamte, waardoor hij zich beter kan bewegen en aan de voorpoten zitten borsteltjes,  waarmee hij zijn voelsprieten kan schoonmaken.  Vlinders zuigen en drinken met hun opgerolde tong. Er zijn ook vlinders die helemaal geen mond hebben, deze eten het vet die de rups heeft achtergelaten.

Gemiddeld leven de meeste vlindersoorten 1 maand. De indrukwekkende levenscyclus van een vlinder, van ei tot rups en rups tot pop, kan je ook bewonderen in Dierentuinen of o.a. bij de Orchideeënhoeve in Luttelgeest. bron: Orchideeënhoeve.nl